NBRP sturend transitiedocument voor emissievrije gebouwde omgeving
Dutch Green Building Council (DGBC) heeft gereageerd op de internetconsultatie van het concept-Nationaal Building Renovation Plan (NBRP). Het plan is een belangrijk instrument onder de herziene Europese richtlijn Energieprestatie van Gebouwen (EPBD IV) en laat zien hoe Nederland toewerkt naar een emissievrije gebouwde omgeving in 2050. DGBC ziet het NBRP als noodzakelijke basis, maar vindt dat het plan nu nog te veel een beleidsmatige verantwoording is richting Europa en te weinig een sturend transitiedocument is voor de Nederlandse praktijk.
Kernpunten uit de DGBC-reactie
DGBC roept op tot een NBRP dat:
- sterker stuurt op werkelijk energiegebruik en CO₂-reductie, in plaats van vooral op modellen, aannames en primaire energie-indicatoren;
- de urgentie van het huidige (te lage) renovatietempo scherper benoemt, inclusief de risico’s van uitstel;
- breder kijkt dan isolatie en (beperkte) installatiemaatregelen en ook inzet op andere klimaatinstallaties (ventilatie, koeling), verlichting, opwek, opslag, energiemonitoring en gebouwsturing;
- de lange termijn (2040 en 2050) concreter maakt met beleid én benodigde budgetten;
- monitoring zo inricht dat het echt helpt bij bijsturen en voortgangsbewaking;
- structureel aandacht geeft aan Whole Life Carbon en materiaalgebonden emissies, óók bij renovatie.
Van rapportage naar regie
Volgens DGBC biedt het NBRP een noodzakelijk overzicht van doelen, maatregelen en voortgang richting 2050, maar mist het plan op dit moment de scherpte en richting die nodig zijn om tijdig en haalbaar tot klimaatneutraliteit te komen. Het document kan en moet meer zijn dan een administratieve rapportageplicht: het moet richting geven aan keuzes in tempo, prioriteit en instrumentarium.
Meer zicht op de echte opgave (gebouwenvoorraad, energiegebruik en emissies)
DGBC benadrukt dat niet de juridisch-technische scope (zoals labelplicht en uitzonderingen onder EPBD) leidend moet zijn, maar het feitelijke energiegebruik en de klimaatimpact van de hele gebouwde omgeving. Het buiten beschouwing laten van grote delen van de utiliteitsbouw kan leiden tot onderschatting van de werkelijke opgave en laat klimaatimpact onnodig buiten beeld.
Oproep: investeer in transparante, bruikbare monitoring
Monitoring en voortgangsbewaking worden in het NBRP genoemd, maar zijn volgens DGBC nog onvoldoende betekenisvol om op te sturen. DGBC pleit daarom voor een nationaal gebouwendashboard met onder meer:
- werkelijk energiegebruik;
- CO₂-uitstoot en reductie (incl. materiaalgebonden emissies);
- benodigde verbeteringen (in één keer of stapsgewijs, te koppelen aan een renovatiepaspoort);
- voortgang richting Paris Proof / ZEB.
Routekaart: versnel richting 2030–2040
DGBC waardeert dat het NBRP werkt met tussendoelen voor 2030, 2040 en 2050, maar heeft fundamentele zorgen over een te lineair pad richting 2050. Het renovatiepad lijkt ingericht op ‘net op tijd’ uitkomen, terwijl netcongestie, arbeidscapaciteit, financiering en uitvoering nu al beperkend zijn. DGBC pleit ervoor het tempo juist te versnellen richting 2030 en 2040, en aan te sluiten bij de Paris Proof reductiepaden, zodat marktpartijen en gebouweigenaren investeringszekerheid en duidelijkheid krijgen.
Beleidsinstrumenten: meer samenhang en voorspelbaarheid
DGBC constateert dat het huidige beleidslandschap versnipperd is en dat veel instrumenten tijdelijk of onzeker zijn, wat investeringszekerheid ondermijnt. DGBC ziet kansen om het instrumentarium effectiever en toekomstbestendiger te maken door:
- energiebesparing expliciet leidend te maken;
- naast labels ook te sturen op werkelijk energiegebruik (met gefaseerde handhaving, gericht op grootste verspillers);
- succesvolle aanpakken door te zetten richting 2040/2050;
- meer samenhang, langjarige beleidslijnen en betere voorspelbaarheid te bieden;
- aanvullende maatregelen te verkennen zoals prestatiegaranties op werkelijk energiegebruik en een stevige data-infrastructuur.
Eefje Stutvoet, programmamanager Paris Proof: “Het NBRP vormt een noodzakelijke basis, maar moet verschuiven van een administratieve rapportage naar een sturend instrument. Dat vraagt focus op werkelijk energiegebruik, versnelling richting 2030 en 2040 en structurele inbedding van Whole Life Carbon. Zonder die koerswijziging blijft het plan onvoldoende effectief om de energie- en klimaatdoelen te behalen.”
Achtergrond
Het concept-NBRP is opgesteld in het kader van de EPBD IV. Nederland moet eind dit jaar het definitieve NBRP indienen bij de Europese Unie. DGBC levert met deze consultatiereactie input op basis van haar jarenlange ervaring met Paris Proof en sectorale routekaarten en vanuit de brede beweging van ruim 400 partners.